Rupsen

Lepidoptera

Uitzicht

Afbeelding Rupsen (Latijn: lepidoptera)
  • Hun lengte varieert van 1 mm tot circa 8 cm.
  • Rupsen hebben meestal buisvormige, gesegmenteerde lijfjes.
  • Ze hebben vaak een camouflagekleur; ze lijken op de planten waarmee ze zich voeden.
  • Veel rupsen hebben stekelige haartjes - recht opstaande haartjes die zijn verbonden met gifklieren; het effect op mensen varieert van lichte irritatie tot huidontsteking.

Levenscyclus

  • Rupsen eten hun weg naar buiten door de eischaal (soms eten ze de hele eischaal op om zichzelf van energie te voorzien).
  • Vervolgens beginnen ze alles te verslinden. Ze groeien en maken een aantal vervellingen door (meestal 4 tot 6); ieder stadium wordt een vervelling genoemd.
  • Uiteindelijk maken ze een beschermende cocon om in te verpoppen.
  • Sommige rupsen spinnen bladeren aan elkaar om een cocon te vormen of creëren 'kamers' van schors en hout.

Gewoonten

  • Zeer vraatzuchtig.
  • De meeste rupsen zijn herbivoren, enkelen voeden zich met organisch afval. Roofzuchtige rupsen eten eieren van andere insecten, bladluizen, schildluizen of mierenlarven.
  • Ze zijn meestal 's nachts actief.