Steeds een gekwalificeerde medewerker bij u in de buurt

Snelle, discrete en veilige service voor alle soorten ongedierte

Uw gecertificeerde partner in auditondersteuning

Muizen: soorten en karakteristieken

Er leven verschillende soorten muizen in onze contreien. Sommige zijn schadelijker dan andere. Ze hebben elk hun levenswijze en hun karakteristieken. het is dus belangrijk om de wering en de bestrijding van muizen af te stemmen op de soort waarmee je te maken hebt. Maar hoe herken je ze?

Hieronder vindt u een aantal veel voorkomende soorten muizen in België. Lees hier hoe ze eruit zien, hoe ze zich voortplanten en waar ze leven.

De Rentokil expert in het bestrijden van muizen kent de biologie van elke soort en kan dus de juiste methode gebruiken om muizen te verdelgen. Muizen bestrijden - snel en efficiënt - is een vak dat je beter overlaat aan professionals zodat u zich kan focussen op uw activiteiten.

Aardmuis

(Microtus agrestis)

Uitzicht

  • Hun kop en lijf samen zijn tussen 8 en 13 cm lang, hun gewicht schommelt tussen 14 en 50 g.
  • Aardmuizen hebben een grijsbruine pels met bleekgrijze gedeelten op hun onderlijf.
  • Ze hebben kleine ogen en oren en een korte staart.

Levenscyclus

  • Ze paren van maart tot oktober.
  • De wijfjes werpen 4 tot 6 jongen na een draagtijd van 18 tot 20 dagen.
  • Ze kunnen tot twee jaar leven.

Gewoonten

  • Aardmuizen wonen in graslanden, hooilanden en moerassen en ze voeden zich voornamelijk met groene bladeren en grassen.
  • In de zomer leven ze voornamelijk 's nachts. Hoewel het voedsel in de winter schaars is, komen ze ook overdag buiten.

Geelhalsbosmuis

(Apodemus flavicollis)

Uitzicht

  • Zeer zeldzaam, komt alleen in het zuiden van Limburg voor.
  • De grote bosmuis wordt ook wel geelhalsbosmuis genoemd.
  • Volwassen dier - kop en lijf: 95 tot 120 mm; staart 75 – 110 mm. Gewicht tussen 14 en 45 g.
  • Hun vacht is bruin op de rug en wit op de buik, met een duidelijke & volledige strook geel rond de nek.
  • Ze hebben grote oren, uitpuilende ogen en een lange staart

Levenscyclus

  • Ze paren van maart of april tot oktober, de dracht duurt 25 of 26 dagen.
  • De jongen worden gespeend na ongeveer 18 dagen en beginnen meestal te paren in het jaar na hun geboorte.
  • De meeste muizen leven niet langer dan 12 maanden.

Gewoonten

  • Ze kunnen opgeslagen etenswaren bederven opeten of schade toebrengen aan elektrische draden.
  • Ze geven de voorkeur aan volwassen loofbossen en habitats zoals hagen, landelijke tuinen en gebouwen.
  • Ze zullen gemakkelijker binnengaan in gebouwen dan bosmuizen (Apodemus sylvaticus).

Graslandwoelmuis

(Microtus pennsylvanicus)

Uitzicht

  • Klein knaagdier, korte poten, korte staart.
  • Gemiddeld 16,5 cm lang.
  • Walnootbruine vacht die in de winter wat grijzer is.
  • De voorpoten hebben vier tenen, de achterpoten hebben er vijf.
  • Ronde neus.

Levenscyclus

  • Vrouwtjes zich kunnen 1 tot 5 keer per jaar voortplanten.
  • Gemiddeld vijf kleintjes per worp.
  • In hun natuurlijke omgeving leven ze door de aanwezigheid van natuurlijke vijanden korter dan één jaar; in gevangenschap kunnen ze meerdere jaren leven.

Gewoonten

  • Zichtbaar - Ze zijn het hele jaar door te zien. In de zomer zijn ze vooral 's nachts actief en in de winter overdag.
  • Voedsel - Grassen en zaden en in de winter boomschors.
  • Locatie - Open velden, waaronder natte graslanden en vooral gebieden met een dichte plantenbegroeiing.
  • Nestbouw - ze maken holletjes onder de grond en maken van droog gras een zomernest. Tijdens de winter maken ze een nest boven de grond en onder de sneeuw.

Huismuis

(Mus domesticus)

Uitzicht

  • 7 – 9,5 cm lang, met een staart die ongeveer even lang is.
  • Gewicht 12 - 30 g.
  • Door hun relatief kleine poten en kop en grote ogen en oren onderscheiden ze zich van een jonge bruine rat (Rattus norvegicus).

Levenscyclus

  • 4 – 6 jongen per nest; 6 – 10 nesten per jaar.
  • De draagtijd duurt ongeveer 3 weken.
  • 2 maanden van geboorte tot geslachtsrijpheid.

Gewoonten

  • Leeft meestal op of onder de grond, maar klimt vaak.
  • Geeft de voorkeur aan vetproducten en granen.
  • Eet ongeveer 3 g per dag en kan overleven zonder te hoeven drinken als het voedsel voldoende vocht bevat. Drinkt tot 3 ml per dag als hun voeding bijzonder droog is.

Rosse woelmuis

(Clethrionomys glareolus)

Uitzicht

  • Volwassen dieren: kop en lijf 80 tot 120 mm; staart 35 - 60 mm; gewicht: 15 tot 40 g.
  • De volwassen dieren hebben een roodbruine pels op hun rug; jongere dieren hebben een grijsbruine pels.
  • Ze hebben ook roomkleurige gedeelten op hun onderlijf.
  • Ze hebben kleine ogen en oren en een stompe neus.

Levenscyclus

  • Ze paren van maart tot oktober. Gemiddeld worden er vier jongen geboren na een draagtijd van 18 tot 20 dagen.
  • Na vier weken zijn de jongen zelfstandig.
  • Ze kunnen tot 18 maanden leven.

Gewoonten

  • Hun favoriete leefomgeving is het bos, maar ze zijn ook te vinden in graslanden en hagen.
  • Ze zijn zowel overdag als 's nachts actief.

Veldmuis

(Apodemus sylvaticus)

Uitzicht

  • Volwassen dieren: Kop en lijf 9 – 12 cm; staart ongeveer 1/3 van lichaamslengte.
  • Plompe bouw, stompe snuit, in de vacht verborgen ogen en oren.
  • Hun vacht is zandkleurig/oranjebruin op de kop en de rug, geelachtig op de zijkanten en wit op de buik. Meestal staat er een dunne gele streep op de borstkas.

Levenscyclus

  • Ze leven gemiddeld 2 tot 3 maanden, maar ze kunnen tot 20 maanden overleven in het wild of 2 of meer jaar in gevangenschap.
  • De paarseizoenen zijn maart/april tot oktober/november en de dracht duurt ongeveer 3 weken. Ze krijgen hun eerste pels na zes dagen; hun ogen gaan open na 16 dagen; ze worden gespeend wanneer ze ongeveer 18 dagen oud zijn.
  • De overlevingskans van de jongen en de volwassenen is klein in de eerste helft van het paarseizoen omdat de mannetjes agressief kunnen zijn tegenover elkaar en tegenover de jongen, die vervolgens uit het nest worden verstoten.

Gewoonten

  • Ze eten grote hoeveelheden van de zaden van bomen zoals eik, beuk, es, linde, meidoorn en plataan.
  • Kleine slakken en insecten zijn vooral belangrijke voedselbronnen in de late lente en de vroege zomer, wanneer er minder zaden maar massa's larven en volwassen insecten beschikbaar zijn.

Woelmuis

(Microtus arvalis)

Uitzicht

  • Gedrongen lijf.
  • Korte poten.
  • Korte staart.
  • Bruine of grijze vacht.

Levenscyclus

  • Voortplanting van maart tot oktober.
  • De zwangerschap duurt 16 tot 24 dagen.
  • Ze leven gemiddeld 4 tot 5 maanden.

Gewoonten

  • Hun leefgebied bestaat doorgaans uit grasland, braakliggend land of akkers.
  • Ze voeden zich met gras of landbouwgewassen.
  • Ze graven nesten in de grond om in uit te rusten, voedsel in op te slaan en jongen in groot te brengen.
  • De vrouwtjes zijn territoriaal, dus het aantal nesten neemt rechtevenredig toe met de populatie.